Trilobieten: veelzijdige dieren

Madelon Rietveld, 28 augustus 2017

Dinosaurussen kent iedereen. Maar heb je wel eens van een trilobiet gehoord? Trilobieten hebben 270 miljoen jaar lang de oceanen bewoond en worden over de hele wereld gevonden. Er waren meer dan 20.000 verschillende soorten, terwijl er maar rond de 2000 dino’s bekend zijn. De kleinste trilobieten waren niet groter dan een centimeter, maar er zijn ook fossielen gevonden van meer dan 70 centimeter groot. Dat is bijna twee keer zo groot als een kat!

Onderdeel van:

Een driedelig lichaam

Trilobieten zijn geleedpotigen net zoals insecten, spinnen en krabben. Anders dan bijvoorbeeld mensen hebben zij hun skelet aan de buitenkant van hun lichaam. Dat noem je een exoskelet. Hun lichaam bestaat uit drie stukken: een kopschild, het lijf en een staartschild. Om te kunnen groeien, vervelden trilobieten. Meestal scheurde het exoskelet dan tussen hun kop en hun lijf. Op hun kop hadden bijna alle trilobieten daarom speciale scheurlijnen waardoor het vervellen makkelijker ging. Aan de plek waar de scheurlijnen zitten, herken je de verschillende soorten. Zo heb je zijrandige, kophoekige en achterrandige scheurlijnen. Andere trilobieten hebben geen scheurlijnen. Zij hebben ze nooit gehad of zijn ze in de loop van de tijd verloren.

Peter Halasz | Licentie: CC BY-NC-SA 4.0
Trilobieten vervelden om te kunnen groeien

Het lichaam van een trilobiet wordt ook nog op een andere manier in drie stukken verdeeld. Net als gordeldieren en sommige pissebedden konden trilobieten zich oprollen om zich te beschermen tegen vijanden. Hun pantser bestaat uit drie verschillende delen die ook wel ‘lobben’ worden genoemd: één links, één in het midden en één rechts. Hier komt hun naam vandaan. Trilobiet betekent namelijk letterlijk ‘drielobbige’.

Thinkstock | Licentie: CC BY-NC-SA 4.0
Men vindt trilobieten over de hele wereld

Opmerkelijke ogen

Ryan Somma Fossil TrilobiteUploaded by FunkMonk │ Wikimedia commons | Licentie: CC BY-NC-SA 4.0
Veel trilobieten hadden goed ontwikkelde ogen

De meeste trilobieten hadden goed ontwikkelde ogen. Er kwamen drie oogtypes voor. Het ene type ogen bestond soms uit wel 15000 verschillende lenzen die allemaal dicht tegen elkaar aan zaten. Hiermee zagen trilobieten heel goed bewegingen. De andere type ogen bestonden uit veel minder lenzen, maar trilobieten zagen hier toch heel scherp mee. Alle lenzen bestonden uit het mineraal calciet. Trilobieten zijn de enige dieren met lenzen van dit mineraal. Heel bijzonder dus! Trilobieten hadden ogen in allerlei soorten en maten. Zo waren er trilobieten met super grote ogen die bijna hun hele kop bedekten, maar er waren ook trilobieten die juist heel kleine ogen hadden. Sommige soorten hadden zelfs ogen op stokjes! Welke ogen zou jij willen hebben?

 

Gids- en sporenfossielen

Op ieder continent vindt je fossielen van trilobieten. Deze zijn niet altijd compleet. Soms vindt je er alleen stukjes van het lijf. Dit zijn de vervellingen. Omdat je trilobieten altijd samen vindt met zoutwaterdieren, is het vrij zeker dat trilobieten echte zeedieren waren. Ze kwamen voor in oceanen over de hele wereld en leefden zowel in ondiep als heel diep water. Omdat trilobieten makkelijk te herkennen zijn en op veel plekken gevonden worden, gebruikt men ze als gidsfossielen. Aan een gidsfossiel is te zien hoe oud de gesteentelaag is. Stel dat een soort 300 miljoen jaar geleden is uitgestorven en 1 miljoen jaar heeft bestaan. Dan is de gesteentelaag tussen de 301 en 300 miljoen jaar oud. Maar bestond een trilobietensoort 10 miljoen jaar, dan kan de gesteentelaag tussen de 310 en 300 miljoen jaar oud zijn. Als een soort maar kort bestaan heeft, is de leeftijd van het gesteente dus het nauwkeurigst te bepalen. Wanneer je eenzelfde soort trilobiet op een andere plek vindt, mag je ervan uitgaan dat de gesteentelaag uit dezelfde periode komt.

Houston museum of Natural Science | Licentie: CC BY-NC-SA 4.0
Trilobieten worden gebruikt als gidsfossielen

Er zijn ook fossiele kruipsporen ontdekt die trilobieten hebben achtergelaten. Hiervan leren we  hoe trilobieten zich bewogen. Er zijn drie soorten sporenfossielen: Rusophycus, Cruziana en Diplichnites. Rusophycus is een rustende trilobiet die zichzelf ingroef en op die plek zijn pootjes heen en weer bewoog. Sommige onderzoekers denken dat trilobieten die dit spoor achterlieten eitjes aan het leggen waren. Wanneer trilobieten door zand en modder bewogen en gedeeltelijk bedekt werden, vind je het sporenfossiel Cruziana. Door hun wangstekels zie je vaak randen aan de zijkanten van dit sporenfossiel. Bij Diplichnites vind je lange of korte strepen, achtergelaten door zwemmende trilobieten die met hun pootjes soms nog de bodem raakte.

Falconaumanni │Wikimedia commons | Licentie: CC BY-NC-SA 4.0
Drie soorten sporenfossielen van trilobieten

Een trilobiet bewoog misschien als een pissebed. Heb je daar wel eens een spoor van gezien?