Sabeltandtijger

Natasja Ouwerling, 11 april 2018

Wow, kijk die enorme tanden eens! Dit is een sabeltandtijger met twee grote sikkelvormige hoektanden van wel 30 centimeter. Sabeltandtijgers waren katachtigen die 2,5 miljoen tot 10.000 jaar geleden rondliepen op de aarde. Waarom hadden ze zulke lange tanden?

Sabeltandkatten

Sabeltandkatten, zoals de sabeltandtijger, kwamen in heel Amerika en Europa voor. Ze werden zo groot als een leeuw of zo klein als een gewone huiskat. Alle sabeltandkatten waren carnivoren en leefden in groepen, net als leeuwen. Ze joegen op grote prooien, zoals mammoeten en neushoorns. Met hun grote, krachtige voorpoten wierpen ze hun prooi omver en gebruikten hun hoektanden om een prooi te verwonden waardoor deze dood bloedde. De katten konden hun bek heel ver open doen om zo hun hoektanden in de prooi te zetten. Stel je voor!

Waarvoor zou jij zulke, lange, scherpe sabeltanden gebruiken?

Sabeltandtijger in de Noordzee

Fossielen van sabeltandtijgers zijn over de hele wereld gevonden en onderzocht. Ook in Nederland zijn fossielen gevonden van een sabeltandtijger, namelijk in de Noordzee. Er zijn verschillende fossielen uit de diepe zee opgevist, zoals een onderkaak zonder tanden en kiezen verstopt tussen de schelpen. Ook is er een andere onderkaak gevonden die gedateerd is door wetenschappers. Dit bot blijkt afkomstig te zijn van een sabeltandtijger die hier 28.000 jaar geleden rondliep. Tijdens de ijstijd was er namelijk geen Noordzee. Het water was bevroren en de zee lag veel noordelijker bij wat nu Scandinavië is. Doordat het water bevroren was, lag de zeespiegel ook veel lager, wel 120 meter lager. Hierdoor lag dus een gedeelte van de Noordzee droog. Er konden dus gewoon dieren rondlopen.

Meer dieren met sabeltanden

Naast de sabeltandtijgers waren er ook andere zoogdieren met sabeltanden. Een soort buideldieren, de Thylacosmilidae, leefden in Zuid-Amerika rond dezelfde tijd als er sabeltandtijgers leefden in Nederland. De schedels van deze buideldieren hebben veel overeenkomsten met de schedel van een sabeltandtijger, maar de Thylacosmilidae hebben wel een heel rare kam op hun onderkaak! De kam beschermde de grote hoektanden van het buideldier. Deze twee zoogdieren leefden in dezelfde tijd, op verschillende plaatsen en ontwikkelden hun sabeltanden dus onafhankelijk van elkaar voor dezelfde functie. Deze vorm van evolutie heet convergente evolutie. De sabeltandtijger en andere zoogdieren met deze lange hoektanden, gebruikte hun lange tanden tijdens de jacht om hun prooi te verwonden en te doden.

Claire Houck I Licentie: CC SA 2.0
De schedel van Thylacosmilus atrox, een groot buideldier