Onregelmatige botten

Matthijs Graner, 5 januari 2022

Op deze pagina kun je jouw gevonden bot determineren (op naam brengen). Heeft jouw vondst geen onregelmatige vorm? Klik dan hier voor het volledige overzicht van botgroepen.

Er zijn verschillende typen onregelmatige botten te onderscheiden. Kijk goed naar de vorm van de gewrichten (uiteinden) van het bot, en maak een keuze uit de zeven opties hieronder.

Let op: als je een losse wervel hebt gevonden, dan is het heel lastig te zeggen van welk dier het is geweest. Vaak ontbreken duidelijk soortskenmerken, waardoor de wervels van verschillende dieren snel met elkaar worden verward. Er zijn dan ook niet van elk type wervel foto's beschikbaar.

Bas Blankevoort I Naturalis | Licentie: CC BY-NC-ND 4.0
De atlas is de eerste wervel in het lichaam.

Atlas

De atlas is de eerste wervel in het lichaam. Dit bot is vaak kort en breed. Het heeft een grote kom aan de voorkant en heeft twee bolle gewrichtsvlakken aan de achterkant. In het midden van de wervel zit een groot gat.

Denk je een atlas te hebben gevonden? Klik hier om te onderzoeken van welk dier het is.

Draaier

De draaier is de tweede wervel in het lichaam en wordt gekenmerkt door een grote kam op de rugzijde. Onderaan zie je een groot 'tandvormig' uitsteeksel. Dit bot is minder breed en langer dan de atlas.

Denk je een draaier te hebben gevonden? Klik hier om te onderzoeken van welk dier het is.

Bas Blankevoort I Naturalis | Licentie: CC BY-NC-ND 4.0
De draaier is de tweede wervel in het lichaam.
Bas Blankevoort I Naturalis | Licentie: CC BY-NC-ND 4.0
Halswervel.

Halswervel

Achter de atlas en de draaier zitten bij de meeste zoogdieren nog vijf halswervels. Deze zijn te herkennen aan de vijf uitsteeksels en drie gaten: één grote in het midden en twee kleine ernaast.

Helaas zijn er van deze botgroep geen foto's beschikbaar. Het determineren op soort is daarbij lastig op basis van één wervel. Op de volgende pagina vind je dan ook alleen een tekening van de positie van de halswervels in het skelet van een rund.

Borstwervel

De naam zegt het al, deze wervels zitten ter hoogte van de borst en dus de ribbenkast. Ze zijn te herkennen aan de lange uitsteeksels op de rugkant en ze bevatten extra gewrichtsvlakken aan de buikkant. Hier vallen de uiteindes van de ribben in.

Denk je een borstwervel te hebben gevonden? Klik hier om te onderzoeken van welk dier het is.

Bas Blankevoort I Naturalis | Licentie: CC BY-NC-ND 4.0
Borstwervel.
Bas Blankevoort I Naturalis | Licentie: CC BY-NC-ND 4.0
Lendenwervel.

Lendenwervel

De lendenwervels zitten ter hoogte van de buik en hebben net als de halswervels vijf uitsteeksels, al zijn deze een stuk langer. De lendenwervels hebben één gat in het midden.

Denk je een lendenwervel te hebben gevonden? Klik hier om te onderzoeken van welk dier het is.

Heiligbeen

Het heiligbeen zit tussen de heupbotten en is door zijn unieke vorm goed te herkennen. Het zijn meerdere aan elkaar vergroeide wervels. Er zitten verschillende gaten in en heeft de vorm van een wigwam.

Denk je een heiligbeen te hebben gevonden? Klik hier om te onderzoeken van welk dier het is.

Bas Blankevoort I Naturalis | Licentie: CC BY-NC-ND 4.0
Heiligbeen
Bas Blankevoort I Naturalis | Licentie: CC BY-NC-ND 4.0
Staartwervel.

Staartwervel

De staartwervels zijn de kleinste wervels in het lichaam met een klein gaatje. Meestal hebben de botten vijf of zes uitsteeksels (zeven als het doornuitsteeksel bovenop wordt meegerekend).

Denk je een staartwervel te hebben gevonden? Klik hier om te onderzoeken van welk dier het is.